Integriteitskwesties

“U moet zich er tijdens uw plaatsing bij een post steeds van bewust zijn dat het werken bij een post hoge eisen stelt aan uw integriteit.”

– Aanvullende CAO Rijk Uitzendingen (ACRU, Hoofdstuk 2.3 Integriteit).

Uitgezonden medewerkers dienen integer te handelen

Medewerkers die voor de Nederlandse overheid wonen, werken of reizen in het buitenland of in de Caribische delen van het Koninkrijk dienen zich voortdurend te realiseren dat ze, behalve de rijksoverheid, ook Nederland als staat vertegenwoordigen en daarmee (mede)verantwoordelijkheid dragen voor de reputatie van Nederland in het buitenland.

Dit geldt tijdens het werk en in de vrije tijd. In het buitenland kan het gedrag van de medewerker en/of meereizende gezinsleden in privétijd extra in het oog springen en van invloed zijn op de functievervulling of op het imago van Nederland in het buitenland.

De uitgezonden medewerker dient derhalve bij alle beslissingen het publieke belang te dienen, ook in gevallen binnen het zogenaamde grijze gebied. Het gaat dan om gedrag waarbij regels weliswaar niet direct worden geschonden, maar toch kan worden aangemerkt als niet integer. Denk bijvoorbeeld aan het herhaaldelijk en op ongepaste wijze testen van de grenzen van de regelgeving, het hanteren van ongepaste omgangsvormen of het misbruik maken van voorrechten of positie. Van dit soort gedrag mag geen sprake zijn.

3W toetst namens opdrachtgevers bij integriteitskwesties

Opdrachtgevers van 3W hebben via Dienstverleningsafspraken (DVA) aan 3W volmacht en mandaat verleend om beslissingen te nemen en handelingen te plegen op basis van de uitzendregelingen die gelden voor uitzendingen naar Nederlandse vertegenwoordigingen in het buitenland en naar de Caribische delen van het Koninkrijk.

3W levert onder andere gevraagd en ongevraagd advies aan de opdrachtgever vanuit de uitvoering (DVA, Hoofdstuk 2), ook daar waar de integriteit mogelijk in het geding is. 3W heeft immers een signaleringsfunctie over de uitvoering van de diverse regelingen, zowel richting de beleid- en kaderstellers als richting de opdrachtgevers. Als zich bijzonderheden voordoen en/of als de kans bestaat dat er juridische procedures uit besluitvorming voortvloeien zal 3W contact opnemen met de algemene contactpersoon van de opdrachtgever of de contactpersoon voor integriteitszaken die door de opdrachtgever is aangewezen (Rollen en verantwoordelijkheden: Hoofdstuk 3 en Hoofdstuk 6). Tevens neemt 3W contact op met de aangewezen contactpersonen bij de beleid- en kaderstellende directies zoals BZ/HDPO en BZK/KR.

3W toetst en informeert de opdrachtgever over mogelijke integriteitskwesties, waaronder de gevallen binnen het grijze gebied, en doet dit aan de hand van:

Van de uitgezonden medewerker wordt verwacht dat hij/zij met bovengenoemde regelgeving bekend is.